Blind Willie McTell

In 1983 zit Bob Dylan in de studio voor wat zijn 22ste plaat, Infidels zal worden.
Na 3 religieuze platen (Slow train coming, 1979; Saved, 1980 en Shot of Love, 1981) lijkt hij terug te keren naar een meer seculiere levensstijl en muziek. Om technologisch bij te blijven, omringt hij zich met jonge muzikanten. Mark Knopfler, op het toppunt van zijn kunnen na de Dire Straits successen, speelt gitaar en wordt uiteindelijk ook de producer van de plaat.

De plaat bevat 8 nummers en duurt maar 41 minuten en 39 seconden. Twee afgewerkte nummers zijn niet op de plaat terecht gekomen. Dylan vond de opnamekwaliteit van “Foot of Pride” en “Blind Willie McTell” onvoldoende.

Het zou tot 1991 en “The Bootleg Series Volumes 1-3 (Rare & Unreleased)” duren vooraleer het grote publiek “Blind Willie McTell” kon beluisteren. De song blijkt een meesterwerk.

Acht jaar blijft het nummer Blind Willie McTell op de plank liggen.
Tot het in 1991 verschijnt op The Bootleg Series. Op de B-kant van Disc 5…

Americansongwriter.com schrijft over het nummer het volgende:

“Dylan vertelde Rolling Stone Magazine dat hij de opnamekwaliteit ondermaats vond. Wie het nummer beluistert kan alleen maar het tegendeel concluderen. De tekst van het nummer is ronduit geniaal. Nobelprijs niveau. Zonder twijfel. De schrale two man sound vormt de perfecte onderbouw voor de epische tekst. De grillig getimede mineurakkoorden van Dylan op de buffetpiano zijn elke keer verrassend. Knopfler speelt sobere maar heel mooi weidse akoestische fills. En in deze setting komt Dylans unieke stemgeluid goed tot zijn recht. Rafelig en schurend, eerst heel ingetogen en naar het einde toe huilend en bij momenten jankend. Indrukwekkend zonder meer.

De obscure figuur Willie McTell staat symbool voor de pré-war bluesmannen zoals ze eind jaren ’50, door muzikanten zoals Bob Dylan herontdekt werden. Elke strofe is een verhaal op zich maar eindigt telkens met het spookachtige beeld van de blinde McTell die de blues zingt.

Door die, op zich heel sterke narratieve constructie, stelt Dylan zich als muzikant net heel nederig op. Het is alsof hij wil benadrukken dat zijn eigen werk niets meer is dan de simpele verderzetting van een kunstvorm die, lang voor hij zelf op het toneel verscheen, al was opgestart door de ongelauwerde Bluesmen uit het zuiden van de Verenigde Staten.

Ook de compactheid van Dylans teksten is een sterk staaltje songschrijversmeesterschap. De song bestaat uit 5 strofes van elk 8 regels (waarvan er elke keer twee gereserveerd zijn voor de refreinregels). Toch slaagt Dylan er in om met de resterende 30 regels een indrukwekkende hoeveelheid onvergetelijke beelden te creëren: de uil die roept over de verlaten vlakte, de country gentleman die zijn eigen elegantie onderuit haalt met een fles bootleg whisky en vier onthutsende verzen die de geschiedenis van het zuiden van de US in al hun glorie en tragedie samenvatten: “See them big plantations burning / Hear the cracking of the whips / Smell that sweet magnolia blooming / See the ghosts of the slavery ships.”

De song neemt ons mee naar doorheen het getormenteerde verleden van Amerika en maakt meteen duidelijk waarom blues the healer was en nog steeds is.
Tegelijk dropt Dylan zichzelf met de laatste strofe in de tegenwoordige tijd. Er blijkt weinig veranderd te zijn: “But power and greed and corruptible seed / Seem to be all that there is.”

De ik-figuur linkt op dat moment de song aan het St. James Hotel, een referentie naar de blues classic “St. james Infirmary” waar Dylan de melodie van Blind Willie McTell duidelijke op baseerde. Het kan ook nog een verwijzing zijn naar het St. James hotel in Red Wing, Minnesota. Dat ligt naast de Mississippy rivier en dicht bij Dylans geboortedorp. Zo wordt de song ook nog eens gekoppeld aan de spirituele bron van de blues.

“Blind Willie McTell” blijkt een soort testament van Dylans muzikaal genie én van zijn eigenzinnigheid. 99,9% van alle muzikanten zou dergelijke compositie een meesterwerk vinden en het, ter meerdere eer en glorie van zichzelf, zo snel mogelijk laten horen aan het publiek.
Bij Dylan belandt dergelijke compositie op de vloer van de montagekamer. En net daardoor voegt hij er, bewust of onbewust, nog extra diepgang en mysterie aan toe. Zoiets is enkel de hele groten gegeven.”


American Songwriter heeft het over onvergetelijke beelden die je meenemen doorheen het getormenteerde verleden van de United States of America. Wanneer je dieper graaft in Dylans verzen wordt het interessant om die beelden te concretiseren met historische feiten. Dank aan Wikipedia en een aantal gespecialiseerde Amerikaanse geschiedenis sites voor deze deep dive.

De geografische scope van het nummer wordt afgebakend in regel 3 van de eerste strofe: “All the way from New Orleans to Jerusalem…”.
We bevinden ons op het grondgebied van de onafhankelijke republiek Texas vóór de civil war. New Orleans ligt aan de monding van de Mississippi rivier aan de oostgrens van de republiek en Jerusalem is een gehucht nabij San Antonio, de laatste stad voor je in het westen de Sierra intrekt richting Mexico.


De geschiedenis van Texas is op zijn minst woelig te noemen. Native Americans, Spaanse conquistadores, Mexicanen, Franse kolonisatoren, de republiek Texas, de confederale staten en de VS hebben oorlog gevoerd voor en op het grondgebied van de huidige staat Texas. En dan is er, als een soort olifant in de kamer, de grote verstomde en vergeten populatie Afro-Americans die als slaven werden aangevoerd door Spaanse, Franse en Engelse kolonisatoren om op de plantages te werken.

Welke gebeurtenissen Dylan exact beschrijft, daar hebben we het raden naar. Maar onderstaande historische feiten matchen toch wel bijzonder goed met de beelden uit de eerste drie strofes.


1838 – The Killough Massacre
First Nation Cherokees vs. American settlers

Het bloedbad van Killough speelde zich af nabij het huidige Jacksonville op 5 oktober 1838 en was in Texas de zwaarste aanval van Native Americans tegen American settlers. Er vielen 18 slachtoffers waaronder Isaac Killough Sr. die met zijn familie eind 1837 vanuit Alabama naar East Texas was geëmigreerd.

American settler family

Killough had zich op Kerstavond 1837 met zijn vier zonen, twee dochters, echtgenotes en kinderen, gevestigd nabij het huidige Jacksonville bij wat nu Killough Creek genoemd wordt. Dat land was in 1836 per verdrag nochthans toegewezen aan de Cherokees. Echter, de Texaanse senaat vernietigde dit verdrag eenzijdig in december 1837 en verkocht het land aan pioniers zoals Killough. Het herroepen van dat verdrag en de komst van nieuwe settlers zorgde voor grote onrust bij de Cherokee Indianen.
De Killoughs hadden in het voorjaar van 1838 een onderkomen gebouwd, het land bewerkt en maïs geplant. Toen die in augustus geoogst moest worden kregen ze te horen dat bendes Mexicanen en Indianen op pad waren om settlers aan te vallen.

Cherokee warrior

De schrik zat er goed in en Killough en de andere settlers vluchtten naar Nacogdoches, 100 km naar het Zuid-Oosten. Eind september leek de streek terug veilig. Cherokees chiefs hadden hen verzekerd dat ze ongehinderd konden gaan oogsten op voorwaarde dat ze before the first white frost terug zouden vertrekken. Ondanks deze afspraken werden ze in de namiddag van 5 oktober aangevallen door een vijandige, zelfstandig opererende bende. Het was een wilde mix van Indianen, Mexicanen, ontsnapte slaven en blanke overlopers. Killough Sr. werd samen met zeventien andere settlers gedood terwijl ze op de velden aan het werk waren.

Een aantal familieleden, waaronder Urcey, de vrouw van Killough Sr. en haar 1-jarig zoontje, waren aan het werk in de blokhutten en hoorden de geweerschoten. Ze konden zich verbergen in het lange prairiegras en werden niet gevonden door de aanvallers. ’s Nachts volgden ze het pad richting Fort Lacy, 60 km ten zuiden van Killough Creek. Na 4 dagen bereikten ze, dankzij de hulp van een hen goed gezinde indiaan, Fort Lacy.

Frontier fort

www.killough.org


1874-1875 The Red River Wars and the Great Slaughter of the Buffalo
US Army vs. First Nation Comanche, Cheyenne en Kiowa

Na de burgeroorlog verleggen de Amerikaanse strijdkrachten hun focus terug naar de Indianen in The Southern Plaines. Ze treffen ze er aangesterkte en strijdvaardige troepen Comanche, Cheyenne en Kiowa. Omdat de afspraken van de Medicine Lodge Treaty uit 1867 niet worden nagekomen hebben veel jonge krijgers de reservaten immers terug verlaten. Vanuit een soort nationalistisch overlevingsdrang zijn ze vastberadener dan ooit om hun cultuur en levenstijl te verdedigen.

“Indians may hunt on any lands south of the Arkansas river so long as the buffalo may range thereon.”

Medicine lodge treaty

Naast het uitblijven van de door het verdrag beloofde basisuitrusting en training zorgen vooral de blanke buffeljagers voor onrust. Op geld beluste pelsjagers met performante long rifles zijn de bizonkuddes aan het decimeren. Ze laten de karkassen rottend op de vlaktes liggen terwijl de huiden naar het oosten worden verscheept.

Voor de indianen waren bizons van levensbelang. Ze aten hun vlees, dronken hun bloed en maakten met de huiden, beenderen, pezen en organen de uitrusting, tenten, riemen, kleren en drinkflessen die ze nodig hadden voor hun nomadenbestaan op de prairie. De bison was zowel logistiek als mystiek volledig verweven met de levensstijl en identiteit van de Indianen van de Great Plains. Het in hun ogen nutteloos afslachten van de kuddes was voor hen pure provocatie.

Het leger liet betijen. In de burgeroorlog was het afsnijden van resources een krachtig wapen gebleken. Generaal Sherman wist dat zolang de indianen op de buffel bleven jagen ze zich nooit tot de ploegscharen zouden bekeren:

As long as buffalo’s roamed the Great Plains Indians will go there. I think it would be wise to invite all the sportsmen of England and America there this fall for a Grand Buffalo hunt, and make one grand sweep of them all.”

In de vroege ochtend van 27 juni 1874 valt een troep van 700 (!) Comanche krijgers bij Adobe Walls een nederzetting van de gehate buffeljagers aan. Opgejut door een medicijnman wanen ze zich onoverwinnelijk. Opnieuw zorgden de performante long rifles van de buffeljagers voor het overwicht. Zeventig indianen worden tijdens de woeste aanval meteen doodgeschoten en vele anderen raken gewond. Bij de 28 goed verschanste buffeljagers vallen doden noch gewonden. De indianen kunnen niet anders dan zich terugtrekken en hun strijdlust krijgt een ferme knauw.

“Glistening with war paint and decked in his battle raiment, every Indian believed that he galloped to certain victory.”

Ironisch genoeg is de Battle bij Adobe Walls voor de legerleiding de aanleiding om een militaire campagne op te starten die de zwanezang zal worden van de Great Plains Indian Tribes.

Vanuit 5 frontier forts in North Texas vertrekken vanaf dan op regelmatige basis zwaar bewapende militaire expedities die de ganse regio doorkruisen. De strategie was duidelijk: nederzettingen van vijandelijke indianenstammen werden volledig vernietigd, de tenten platgebrand, de oogsten vernietigd en het water vergiftigd. Meestal konden de indianen zelf vluchten waardoor er weinig doden vielen maar de stammen moesten steeds alles achterlaten en geraakten daardoor sterk verzwakt. Vredelievende indianentroepen werden daarentegen geholpen met uitrusting, voedsel en paarden indien ze zich lieten begeleiden naar de reservaten.


De strategie was uiterst efficient. Tegen de zomer van 1875 hadden de laatste krijgers zich overgegeven, het was het einde van de rondtrekkende indianestammen. De settlers hadden nu vrij spel.
Op de grasvlaktes hoorde je alleen nog de roep van the hoot owl. In de mythologie van de indianen waakt de uil over de geesten van overleden krijgers en dieren.


STROFE 3

White Americans vs. Black slaves
1860 – The Texas Slave Panic

Onderstaande tekst is gebaseerd op een publicatie van historicus William W. White uit januari 1949 in The South Western Historical Quarterly

Begin july 1860 begon de presidentiële campagne de publieke opinie te beroeren in Texas. Overal werd druk gespeculeerd over de gevolgen van een mogelijke overwinning van kandidaat Lincoln. In Texas werd de turbulente campagne gekenmerkt door een reeks gebeurtenissen waardoor de kloof tussen de Texaanse bevolking en het noordelijke gedachtengoed steeds groter werd. De afscheiding van Texas leek bij een verkiezing van kandidaat Lincoln stilaan onvermijdelijk.

De spanning tussen voorstanders van de slavernij en de tegenstanders, abolitionisten genoemd, liep al een tijdje hoog op. Een jaar eerder werden twee predikanten Blunt en McKinney ervan beschuldigd abolitionisten te zijn. Ze werden door een groep mannen mishandeld en de staat uitgejaagd.

At 3 o’clock the next morning the latter two were taken out of jail and tied to a tree. Then seven of the ruffians flogged thim with a heavy cowhide whip, each fellow giving ten strokes. The punishment was very terrible, and the condition of the victims was most deplorable. After being thus beaten they were allowed to go on their journey, though they were left penniless.” 

An escaped enslaved man named Peter showing his scarred back at a medical examination in Baton Rouge, Louisiana, 1863.

Een aantal grote branden in het noorden van Texas op 8 juli en de daaruit volgende verdachtmakingen ten opzicht van de zwarte slavenbevolging versterkten die spanning nog. Vanaf 12 juli tot midden augustus rolde er een golf van onrust, haat en paniek over de ganse staat. Een op stapel staande slavenrevolte, reëel of ingebeeld, was regelrechte horror voor de blanke burgers. Hun leven en hun ganse bestaan stond op het spel. Een slavenopstand zou sowieso gewelddadig zijn en dus was de voorafgaande tegenreactie dat ook…

De vernietiging van Dallas en Henderson, en gelijkaardige gebeurtenissen

Op zondagnamiddag 8 juli 1860 rond twee uur, ontstaat een brand in een hoop rommel naast de winkel van Mr. W. W. Peak in Dallas. Het vuur verspreidt zich snel en in minder dan twee uur zijn alle gebouwen ten noorden en ten westen van Main Square in vlammen opgegaan (nvdr de ‘stad’ had toen amper 8.665 inwoners). De twee hotels, de drukkerij van de Dallas Herald en nagenoeg alle winkels mét al hun voorraden waren tot as herleid. Ten oosten van Main Square was de helft van de woonhuizen vernietigd. De schade werd op 400.000$ geraamd. Slechts 10.000$ daarvan was verzekerd. De ontreddering was compleet.

Anderhalf uur na het inferno in Dallas ontstond een nieuwe grote brand, nu in Denton 60 km verderop (toen 5.031 inwoners). De Houston Telegraph (450 km verderop) omschreef deze brand op 21 juli (13 dagen later) als volgt:

Nog tijdens dezelfde namiddag gingen op verschillende plaatsen in Texas verschillende andere winkels in vlammen op: de winkel van James M. Smoot in Pilot Point, Denton County; het magazijn van Mr. Dupre in Ladonia, Fannin County; een winkel in Milford, Ellis County; een winkel in Black Jack Grove en een drogisterij in Honey Grove; (…)

Er werd niet meteen aan brandstichting gedacht. Op 10 juli was alles nog rustig in Dallas, ook al had het nieuws van de andere branden de stad al bereikt. De inwoners van Dallas werden zich pas op donderdag 12 juli bewust van de implicaties van de Sunday Fires. Het gerucht ontstaat dat twee abolitionisten (blanke tegenstanders van de slavernij) die het jaar voordien na een straf met zweepslagen, verbannen waren uit Texas. Onderstaande brief van Herald redacteur Charles R. Pryor naar de Austin State Gazette, illustreert de gemoederen op dat moment. De brief wordt doorgestuurd naar verschillende ander kranten en gretig gepubliceerd.

Onderstaand extract uit een tweede brief van een paar dagen later beschrijft de verdere gebeurtenissen.

De onrust die volgde op de bekentenissen van de negers blijft duren. Er zijn al meer dan honderd zwarten gearresteerd en die worden een voor een ondervraagd door een speciaal aangesteld Waakzaamheidscomité. Dat comité bestaat uit de meest gerespecteerde en verantwoordelijke mannen van de stad. Zij doen hun werkzaamheden met de grootst mogelijke zorg en billijkheid.”

De waakzaamheidscomité’s waren eigenlijk clandistiene, lokaal verkozen, rechtbanken die de regulier rechtspraak bypassten. “We will hang every man who does not live above suspicion,” schreef een zekere J.W.S. uit Fort Worth in august 1860. “It is better for us to hang ninety-nine innocent (suspicious) men than to let one guilty one pass, for the guilty one endangers the peace of society.”

De comité’s stelden nachtpatrouilles samen om zowel verdachte slaven als mogelijkse abolitionisten op te pakken. Blanken uit het Noorden, vreemdelingen en Mexicanen ondergingen allen hetzelfde lot. Iemand schreef: “Every man that travels this country is taken up and examined, and if he does not give a good account of himself, he is strung up to the nearest tree.”

De brief gaat verder:

De stad zelf loopt vol met opgewonden mannen die gretig elke schermutseling die de vrijheid van de staat bedreigt de kop zullen indrukken. De zaak zelf ontwikkelt zich op de meest opzienbarende wijze. Er is een complot ontmaskerd dat werkelijk des duivels is en de ganse staat zou kunnen vernietigen.
In Lancaster zijn gelijkaardige plannen om de stad plat te branden aan het licht gekomen. Daar plande men bovendien om de oudere vrouwen neer te schieten en de jonge, knappe meisjes te ontvoeren en misbruiken.”

Op maandag 23 juli staat in Dallas een grote menigte te wachten op de finale uitspraken van het Waakzaamheidscomité. Een houten podium was hiervoor aangevoerd vanuit Waxahatchie (50 km zuidelijker) en met het podium kwam het nieuws dat ook daar de stad in opperste staat van waakzaamheid was. De complotten en vermeende opstanden hadden ook die stad bereikt. Gans Texas staat ondertussen in rep en roer. Zwarte verdachten worden met of zonder snel proces opgehangen of gewoon gelynched. In Waxahatchie klinkt het dat de volledige stad vergiftigd en afgeslacht gaat worden en de overblijvende eigendommen onder de overgebleven zwarten zullen worden verdeeld. Er werd gif gevonden bij zwarten thuis. De vermeende gifmengers werden gearresteerd en terechtgesteld.


Het Waakzaamheidscomité van Dalles identificeert uiteindelijk drie vermeende leiders van de opstand: Patrick Jennings, Sam Smith en een slaaf die Old Cato genoemd werd. Ze worden op 24 juli opgehangen langs de oevers van de Trinity rivier.

In de maand augustus verschuift de aandacht van de bevolking terug naar de presidentsverkiezingen en doven de verdachtmakingen stilletjes uit.

Nooit is effectief bewijs gevonden voor enige samenzwering of georganiseerde slavenopstand. Toch waren de Texas Troubles wellicht een keerpunt waarbij de publieke opinie in het Zuiden zich openlijk achter de seccesie schaarde. Nog geen jaar later brak de Amerikaanse burgeroorlog uit, een van de wreedste oorlogen aller tijden.

De vele branden in Texaanse winkels begin juli 1860 bleken uiteindelijk veroorzaakt door de uitzonderlijke hitte van die eerste weken van juli 1860 en hierdoor geïnduceerde zelfontbranding van een nieuw type fosforlucifers dat net op de markt gekomen was.

Er zijn 6 officiële slachtoffers gerapporteerd tijdens de Texas Troubles. Anno 2021 vermoedt men dat de cijfers van de vele lynchpartijen en clandistiene veroordelingen in de honderden lopen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s